Big Flea

Schermafbeelding 2019-05-05 om 08.45.42De leraar op de technische school beende heen en weer voor de klas en was duidelijk niet blij met de onrustige situatie. Meer dan 20 jongemannen in een klas in toom houden dat valt ook niet mee. Plotseling hield hij in, keerde zich naar de klas, en sprak de woorden: “Honi soit qui mal y pense”  en keek daarbij indringend naar de klas die stilzwijgend afwachtte of er nog meer vreemde woorden zouden worden losgelaten.

Naar later bleek was de betekenis ‘laat niemand er iets slechts van denken” maar daar hadden we geen weet van.

Tja, wie weet wat deze zin betekent, vroeg de leraar. Het bleef even stil totdat een wat schuchtere jongen zijn vinger opstak en gedecideerd sprak: ” Dikke vlooien springen niet hoog “.

Zowel de leraar als de klas lagen over de tafels van het lachen en de gehele schooltijd werd dit de lijfspreuk van de klas.

Vorenstaande in gedachten houdend kom ik bij de dag waarop ik een bijnaam kreeg.

Als bassist mocht ik optreden met een gezelschap waarbij de drummer plotseling ziek was geworden en hij werd vervangen door een professional. Dat bast extra fijn en ik vond het lekker gaan temeer daar we een set onvervalste rock and roll speelden. In de pauze zochten we elkaar op. We waren het erover eens dat het een leuk concert was en dat de samenwerking goed verliep. Al snel ging het over drummers en bassisten. “Wat vind jij nou een goede bassist” vroeg hij mij. Nu kan ik er altijd wel een paar opnoemen maar in die tijd was ik wel onder indruk van de bassist van de Red Hot Chili Peppers dus was het antwoord simpel “Flea”. “Ja” zei hij “dat is een goede, jij bent eigenlijk ook een soort Flea”. Er volgde een stilte, zijn voorhoofd vertoonde een denkrimpel en zei toen: “Maar dan wel BIG FLEA”.

En zo kwam ik aan een bijnaam en was de cirkel rond want als dikke vlooien niet hoog kunnen springen dan zal dat zeker gelden voor een Big Flea.